In Lander waren we dapper weer op de fiets gestapt om even later de Engelse Anthony weer tegen te komen. He, hoe kan dat nou, denken zowel wij als hij. Het puzzeltje is snel opgelost: ook hij heeft een lift gekregen; het was onmogelijk om op de weg te blijven fietsen in die storm. Een van de artsen in het ziekenhuis had nog vrolijk tegen mij gezegd: O, als je als fietser van de weg waait betekent dat nog niet dat het hier hard waait. Het waait pas echt hard als ook trucks en treinwagons omwaaien, en geloof me, dat gebeurt hier regelmatig.
Namen van bergen en rivieren verwijzen hier ook naar het winderige karakter van dit gebied. We fietsen een tijd langs de Wind River en langs de Wind Ridge. Door het Wind River Indian Reservation waar we een groot casino zien. In veel staten zijn casino's verboden maar een uitzondering wordt gemaakt voor de Indianen Reservaten en die zijn er inmiddels aardig rijk mee geworden. En daar is veel gedoe over. Formeel mogen de Amerikaanse staten geen belasting heffen op de Indiaanse casino-activiteiten, maar in ruil voor het verlengen en uitbreiden van vergunningen worden wel commissies geƫist op de winsten, en dat loopt in de miljarden.
Het laatste stukje van Wyoming fietsen we door de twee parels van deze staat: het Grand Teton National Park en het Yellowstone National Park. Door het Grand Teton park rijden we langs een schitterende bergketen met sneeuwtoppen, je blijft foto's schieten, na elke bocht lijken ze nog weer groter, nog weer mooier.
We pakken een camping in Colter Bay Village en worden door de campingbeheerders uitgebreid geinformeerd over het gevaar van beren en de noodzaak etenswaren maar ook toiletartikelen, waterflessen en een heleboel andere dingen in met kettingen gesloten ijzeren kasten op het kampeerterrein te stoppen en niet in de tent mee te nemen. "Niets mag er in uw tent liggen, behalve u zelf en uw slaapzak." De camping is zo druk en lawaaiig dat ik er een beetje om moet lachen. Ik kan me niet voorstellen dat in deze toeristenkermis ook beren rondlopen, die zullen toch wel een rustiger plekje in het park op zoeken om rond te struinen. Ze betalen vast studenten om 's nachts over het terrein rond te sluipen en aan de kettingen van de food-lockers te rammelen, grap ik tegen Liesbeth. De volgende dag zijn we nog maar net van de camping afgereden en, ja hoor, er steekt een beer voor onze wielen de weg over. Volgens de brochures van het park is het verboden om je op minder dan 100 meter afstand van een beer te begeven. Wel, ik gok dat de afstand tot deze overstekende beer en onze fietsen zo'n 25 meter was. Niks rustig plekje in het park, gewoon op de drukke highway. Een camper die van de andere kant aan kwam rijden moest flink in de remmen, en achter ons komt net een groep motorrijders aan die allemaal "a bear, a bear, did you see the bear" roepen. In mum van tijd is er een chaotische opstopping op de weg, maar de beer al lang verdwenen.
En dan rijden we Yellowstone Park in. Van te voren hadden we gepland hier een flink aantal dagen te blijven. Het oudste park ter wereld - al in 1872 tot nationaal park verklaard - is met al zijn geysers en heetwaterbronnen, canyons, watervallen en bijzondere diersoorten beslist de moeite van een langer verblijf waard. Wat we ons niet hadden gerealiseerd is echter dat het park nou niet bepaald geschikt is voor fietsers. Geheel naar Amerikaanse stijl is het een drive-in of drive-thru park geworden waar gedurende de zomermaanden lange files van caravans, campers, "gewone" auto's en motorfietsers doorheen rijden. Bij elke bezienswaardigheid staan drommen mensen met camera's, zodat je al ver van te voren ziet dat er weer een waterval of geyser aan zit te komen (of wellicht een bijzonder dier zich langs de weg laat zien). Op de vrij smalle doorgaande wegen denk je als fietser eigenlijk maar aan een ding: hoe kom ik hier veilig zo snel mogelijk weer uit?
Kortom, sneller dan gepland reden we Wyoming uit en Montana in. Flink voor op ons schema nu. Dat betekent niet dat we durven beweren dat Yellowstone niet mooi is. Zelfs in de korte tijd dat we er doorheen reden hebben we heel wat moois gezien. Alleen is de zomervakantie niet het meest optimale moment om dit park te bezoeken en de fiets niet het meest geschikte transportmiddel. Hoewel, door het dichte naaldbos hadden we even geen last van wind!
Geysers en heetwaterbronnen